door Nariman Dibini, manager regionaal therapeutisch instituut Noord en het Hulpcentrum in Kfar Kana.
De afgelopen jaren, en zeker sinds de oorlog van 7 oktober, lijkt het beeld van de Arabische samenleving te worden gevormd door persberichten over criminaliteit, geweld, verwaarlozing, wantrouwen en kritiek. Keer op keer worden vooral de pijn en de crisis belicht. Maar in tegenstelling tot alle krantenkoppen wordt de Arabische samenleving ook gekenmerkt door betrokkenheid, solidariteit en menselijkheid. De Arabische samenleving is er ook een van pioniers: artsen die ziekenhuisafdelingen leiden, professionals in hoge functies, jonge academici, mannen en vrouwen, die werkzaam zijn in het onderwijs, de hulpverlening en het zakenleven, die zich willen ontwikkelen en verantwoordelijkheid willen nemen voor de samenleving als geheel. Deze realiteit van inzet, talent en maatschappelijke betrokkenheid krijgt lang niet altijd de aandacht die zij verdient.
Als medewerker van het Elah Centrum begeleid ik families die plotseling verlies hebben meegemaakt als gevolg van levensdelicten, zelfdoding of verkeersongevallen. In mijn werk ontmoet ik de diepste menselijke pijn. Maar naast die pijn ontmoet ik ook iets anders: de mooie kant van de Arabische samenleving.
Recent kwam ik in contact met families die hun dierbaren onverwacht verloren door ziekte, een hartstilstand, wiegendood, een val of andere tragische gebeurtenissen. Dit zijn vormen van verlies die niet altijd binnen bestaande hulpstructuren vallen, waardoor families soms alleen achterblijven met een immens verdriet. Veel van hen kunnen psychologische begeleiding niet betalen, individueel noch in groepsverband, en hoe dan ook zijn de wachtlijsten binnen de publieke zorg lang.
Toen ik met deze realiteit werd geconfronteerd, voelde ik dat ik niet onverschillig kon blijven. Ik ben mensen uit de gemeenschap gaan benaderen vrienden, kennissen en anderen met een warm hart, met de vraag om hulp, zodat deze families professionele ondersteuning en emotionele begeleiding zouden kunnen krijgen. Wat daarna gebeurde, raakte mij diep. Zonder veel vragen, zonder aarzeling en zonder behoefte aan erkenning of publiciteit begonnen mensen te doneren. Iedereen naar eigen vermogen. De een gaf een klein bedrag, de ander doneerde meer, weer anderen hielpen door het initiatief te verspreiden en mensen met elkaar te verbinden. Binnen korte tijd slaagden we erin een bedrag bijeen te brengen waarmee kwetsbare families de noodzakelijke hulp konden starten.
Juist in zulke momenten worden de waarden zichtbaar waarmee velen van ons zijn opgegroeid: vrijgevigheid, compassie, maatschappelijke verantwoordelijkheid en solidariteit met anderen. Deze waarden zijn diepgeworteld in de Arabische samenleving, een samenleving die haar hart en huis opent, die wordt gemobiliseerd in tijden van crisis en die de pijn van een ander voelt als haar eigen.
Er wordt weinig gesproken over de mensen die iedere ochtend opstaan om anderen te helpen, over gemeenschappen die zich verenigen rond families in rouw, over vrouwen en mannen die in stilte geven zodat niemand alleen hoeft te blijven met zijn verdriet. Misschien is het tijd dat we daar ook aandacht aan geven.
Niet om de echte problemen binnen de samenleving te ontkennen, maar om een vollediger beeld te laten zien. Een samenleving waarin uitdagingen bestaan, maar ook diepe menselijkheid, onderlinge solidariteit, inspirerende prestaties en een oprechte wens om goed te doen.
Ik geloof dat verandering van beeldvorming niet begint met slogans, maar met daden. En de daden die ik de afgelopen periode heb gezien, hebben mij opnieuw laten beseffen hoeveel goedheid er om ons heen bestaat en hoeveel kracht er schuilt in een gemeenschap die ervoor kiest de ander te zien en te steunen op de moeilijkste momenten.
